|
Het verschil tussen een "gewone" Avensis en een
"Executive"-variant is snel duidelijk. Het interieur is
opgetrokken uit crème-leder, chroom en hout. Het gebruik van
al die materialen is echter weinig creatief. Het lijkt alsof de
makers dachten dat voldoende hout en leder vanzelf een chique
ambiance maakt. Alhoewel ze daar zeker gelijk in hebben, had een
zekere mate van creativiteit de auto van chique naar exclusief
weten te tillen. De "Executive" is er niet minder luxueus om.
Aan de basis staat het "Terra" model met onder andere:
negen airbags, een sublieme geluidsinstallatie, boordcomputer en
airconditioning. Op het volgende niveau "Luna" wordt de
airconditioning links/rechts gescheiden uitgevoerd (met een handige
knop om de functie uit te schakelen wanneer wordt gereden zonder
passagier) en doet een prima werkende regensensor zijn intrede.
De "Executive" voegt aan dit alles het genoemde lederen
interieur, met elektrisch verstelbare en verwarmbare voorstoelen,
toe. Alleen parkeerhulp mist, maar dat is gezien de prima
overzichtelijke koets overbodig. De rijeigenschappen geven ongeacht
de uitvoering al het gevoel van een luxe reisauto, maar dit
interieur doet daar nog eens een flinke schep bovenop. Het
optionele DVD-gebaseerde navigatiesysteem bovendien weet prima de
weg te vinden door het regenachtige Barcelona, waarna de snelle
fotograaf ondanks de talrijke verbodsbordjes toch een foto weet te
scoren bij Gaudi's "Temple de la Sagrada Familia".
Wagon
Het grootste verschil tussen de sedan en de stationcar is
uiteraard de ruimte. Vooral de beenruimte achterin behoort, net als
bij de sedan, tot de ruimste in de klasse. De bagageruimte van de
"wagon" meet standaard 520 liter, opnieuw precies hetzelfde als de
sedan. Daarbij komen een aantal handige "verborgen" vakken onder de
laadvloer. Op die manier wordt loze ruimte, die anders verloren zou
gaan omdat de laadvloer vlak moet lopen, toch nog nuttig gebruikt.
De bagageruimte is bekleed in de kleur van het interieur met een
stof die duurzaam aanvoelt.
Om tot de maximale laadcapaciteit van 1.500 liter te komen
(ruim, maar geen topper), moet de achterbank in een aantal stappen
worden opgeklapt. Eerst wordt de zitting losgemaakt en tegen de
voorstoelen geklapt. Nadat de hoofdsteunen uit de rugleuning van de
achterbank zijn genomen (in een opbergruimte hiervoor is niet
voorzien), kan ook de zitting in twee ongelijke delen worden opgeklapt.
Eventueel kunnen de achtergordels nog uit de geleiders worden
genomen, om de bagageruimte optimaal bereikbaar te maken via de
achterportieren. De hele procedure is snel en eenvoudig uit te
voeren, maar gezien de enorme stap voorwaarts die Toyota met de
Avensis heeft gezet, is het jammer dat op dit gebied geen
vernieuwing is te bespeuren.
|
D-4D diesel
Voor de test van een zakelijke uitvoering, valt de keuze op een
dieselmotor. Uiteraard is de stationwagon ook met de 2.0 en
1.8-liter benzinemotor leverbaar. Terwijl deze laatste krachtbron
bijna een openbaring is dankzij een zeer rustige loop, prima
prestaties en een ongekend laag verbruik, valt over de D-4D diesel
nauwelijks nieuws te melden. De 2-liter diesel doet zijn werk naar
behoren, maar blinkt nergens op uit. De 116 pk/280 Nm zijn
voldoende voor nette prestaties, een keurig verbruik en een
beschaafd geluidsniveau.
In de stad kan (met veel toeren) snel worden ingevoegd, op de
snelweg is vlot inhalen zonder terugschakelen geen probleem. De
diesel toont echter weinig karakter. De motor functioneert prima,
maar rijplezier is ver te zoeken bij deze diesel.
De overige rijeigenschappen liggen op hetzelfde hoge niveau als
bij de sedan. Dat betekent een prima onderstel dat snel en veilig
rijden mogelijk maakt, maar de auto bij kalm en beheerst rijden het
gedrag van een ware reislimousine geeft. Het onderstel is iets
stugger dan dat van de sedan, om hetzelfde weggedrag te garanderen
bij een zware lading.
Conclusie
Met de Avensis stationwagon is de nieuwe Toyota direct bij
introductie leverbaar in vele uitvoeringen voor even zoveel kopers.
Zowel het uiterlijk als het innerlijk van deze zakelijke Avensis
scoren een dikke voldoende.
Wel valt direct op dat Toyota niet de moeite heeft genomen deze
stationwagon te voorzien van een ingenieuze constructie om ruimte
te besparen of extra gebruiksgemak te bieden. Gelukkig scoort de
"wagon" op alle andere punten even goed als de sedan, zodat ook de
zakelijke rijder kan genieten van de enorme voorsprong die Toyota
heeft geboekt met de nieuwe Avensis.
|