|
Dat de opvolger van de Z3 de naam Z4 zou dragen is niet meer dan
logisch. Maar toen de eerste foto van de Z4 verscheen, rees enige
twijfel of BMW dit "ding" serieus op de markt wilde brengen. Na een
eerste kennismaking met de Z4, tijdens de Autosalon van
Genève, veranderde de verbazing in voorzichtige bewondering.
Na een week rijden, en vooral rustig de tijd nemen om te wennen aan
het lijnenspel, is duidelijk dat BMW de tijd vooruit is.
De vormgevers hebben een compleet nieuwe insteek en logica
gekozen bij het tekenen van de Z4. Zo verlengen lijnen de voorruit
in plaats van een contour en vormt het oppervlak een gewaagd geheel
van niet alleen bolle, maar ook holle vlakken. Dit alles heeft wel
als gevolg dat de auto minder overzichtelijk is. Bijvoorbeeld de
achterschermen zijn beduidend breder dan de meest zichtbare lijn
van de achterzijde en vallen buiten het zicht van de bestuurder.
Neus
De vormgevers zijn juist behoudend geweest bij het kiezen van de
verhoudingen. Zoals bij een traditionele roadster, kent de auto een
zeer lange neus en zitten bestuurder en bijrijder als het ware
achterin. Dat is de eerste kilometers even wennen, want de
bestuurder heeft het idee op weg te zijn met een neus met een auto
er achter. De Z4 is voor het gevoel heel wat groter dan de Z3 en de
bestuurder is zich er continu van bewust met een forse auto op weg
te zijn.
Al snel blijkt dat BMW nog een risico heeft durven nemen. De Z4
moest zowel sportief als comfortabel zijn. Een dergelijke
combinatie is vaak een garantie dat een auto van beide net niets
is, maar BMW bewijst dat het ook anders kan. Het beste voorbeeld
daarvan is de besturing. Gezien het wagengewicht van zo'n 1.200 kg,
is stuurbekrachtiging een noodzakelijk kwaad. Toch weet deze
installatie zo veel gevoel te geven, dat een sportwagen zonder
stuurbekrachtiging niet veel beter communiceert.
Ondanks de brede banden is de Z4 niet gevoelig voor
spoorvorming, of het moet zijn dat de bestuurder voelt dat het
spoor er is maar de auto de koers onverstoorbaar blijft volgen.
Zowel in de stad als op de buitenweg, maakt deze absoluut sublieme
besturing de Z4 al een genoegen om mee onderweg te zijn.
Techniek
Om definitief af te rekenen met het dameskappersimago van de Z3,
is de lichtste motor waarmee de Z4 leverbaar is een 2,5-liter
zescilinder. Deze is goed voor 192 pk en vormt wederom een
geslaagde mengvorm van sportiviteit en comfort. Wanneer gevraagd
levert de krachtbron behoorlijke krachtsexplosies, zij het met een
zekere waardigheid en bescheidenheid. De sprint van 0 naar 100 km/u
is volgens BMW in precies 7 seconden geklaard.
Dat is een halve seconde meer voor de testauto, want die is
voorzien van de optionele automaat. Geheel volgens de laatste
trend, laat deze automaat zich desgewenst sequentieel schakelen.
Dit draagt echter weinig bij aan het rijplezier, want het mechaniek
schakelt zo subtiel en de motor is zo sterk dat vrijwel onmerkbaar
is in welke versnelling wordt gereden. Alleen de toerenteller laat
zien dat de motor meer of minder toeren maakt, de snelheid blijft
gelijk en ook een schok na de gangwisseling blijft uit.
Alhoewel dit gedrag zonder meer comfortabel is te noemen, mist
de sensatie van hard rijden waarbij het inleggen van ieder volgend
verzet een nieuwe versnelling betekent. Ondanks het riante vermogen
is de Z4 daarom vooral beschaafd. Alleen als het uiterste wordt
gevraagd klinkt even een machtige zescilinderbrul, waarna de rust
meteen terugkeert.
In tegenstelling tot meer speelse cabrio's, leent de Z4 zich
daarom ook goed voor (zeer) lange afstanden. Het gemiddelde
testverbruik van 8 liter euroloodvrij per 100 km is gezien het
vermogen en de diverse krachtsuitspattingen heel redelijk.
Achterwielen
Net als iedere andere BMW heeft ook de Z4 achterwielaandrijving.
De aandrijving is in de loop der tijd steeds verder
geperfectioneerd en de Z4 toont de laatste stand van de techniek
volgens BMW. Het weggedrag is vooral neutraal. Zelfs bij zeer hoge
bochtsnelheden, blijft de auto zo rustig dat zoeken naar de balans
met het gas (het leuke van achterwielaandrijving), nauwelijks
zinvol is.
De standaard gemonteerde tractiecontrole laat, eveneens naar
goed BMW-gebruik, enige mate van wielspin toe. Dat geeft de
bestuurder het gevoel heel wat te kunnen, terwijl de elektronica
continu paraat staat om in te grijpen mocht dat ooit nodig zijn.
|
Kap
Hoge snelheden zijn, zoals te verwachten, geen enkel probleem.
Met open kap moet vanaf 100 km/u de stem echter worden verheven om
nog een goed gesprek te kunnen voeren. Boven de 140 km/u kunnen de
inzittenden zich nog moeilijk verstaanbaar maken. Toch heeft BMW
geleerd van een fout van de Z3, want de inzittenden zitten
duidelijk dieper en beter uit de wind dan voorheen.
De keuze van de kapconstructie is voor een vernieuwende auto als
deze traditioneel. In tegenstelling tot allerlei nieuwe
coupé-cabriolets, kiest BMW voor een conventionele stoffen
kap. Deze is wel van uitstekende kwaliteit. Op de snelweg is het
geluidsniveau met gesloten kap heel beschaafd. Ook een weinig
zachtzinnige test met een tuinslang, weet de kap glansrijk te doorstaan.
Vanaf de 3-liter uitvoering, wordt de kap elektrisch bediend.
Wie voor die optie kiest is in voor een aangename verrassing, want
deze kap is de snelste van dit moment. Wacht na het drukken op de
knop daarom niet op een geluidsignaal, binnen 10 seconden is de kap
geheel geopend. Alleen wanneer het (zeer effectieve) windscherm is
geplaatst, gaat het openen en sluiten gepaard van enig kraken en
werken van de materialen.
Omdat de Z-vormige kapconstructie openingen naast de
hoofdsteunen laat, worden losse kunststof panelen in de kleur van
de kap meegeleverd. Deze laten zich eenvoudig monteren, maar werden
in de praktijk nogal eens vergeten bij het sluiten van het dak. Dit
levert geen schade op, maar het wijst er wel op dat een mechanische
oplossing wenselijk is. De beige kleur van het dak van de testauto
is helemaal in lijn met de Z4: bij het ophalen deed de kleur de
wenkbrauwen fronsen, bij het retourneren van de auto was het goed
voor een extra bedankje voor deze gedurfde combinatie.
Het interieur is een aardige mengeling van traditioneel en
modern. Het dashboard bestaat hoofdzakelijk uit donker kunststof,
maar met een grote baan met houtmotief. De ronde klokken en het
stuurwiel met opening in de onderste spaak, verwijzen duidelijk
naar een ver verleden.
De uitrusting is compleet en helemaal van deze tijd; alleen
cruise-control ontbreekt. De automatisch in- en uitschakelende
koplampen zijn erg handig. Ook het klimaatcontrolesysteem is goed
verzorgd en bovendien eenvoudig en logisch te bedienen. Het
(optionele) "active" audiosysteem van huisleverancier
Harman/Kardon is een auto als deze waardig. Het levert een heldere
rijke klank op en heeft voldoende vermogen om ook met open dak
volop te genieten van de muziek.
Conclusie
BMW durft de neus uit te steken met de Z4. De vormgeving is
zonder meer gewaagd te noemen, maar hoe langer de auto bij de
redactie was, hoe meer het uiterlijk in de smaak viel. De toekomst
zal leren of deze stijl door anderen wordt overgenomen en de Z4 een
echte trendsetter is.
Ook met het rijgedrag nam BMW een risico, want de Z4 moet zowel
comfort als sportiviteit bieden. Ook hierin is BMW geslaagd, want
zelfs het basismodel is een snelle auto die veel rijplezier binnen
riante veiligheidsmarges biedt. Met gesloten kap en een rustiger
rijstijl, benadert de Z4 het comfort en gevoel van een
coupé. Wie een neus heeft voor de fijnere dingen in het
leven, heeft aan de BMW Z4 daarom een vernieuwende auto die nog
heel lang plezier zal bieden.
|